Trainer Edwin Vos is bezig aan zijn ‘eerste’ seizoen als hoofdcoach van het DFS-vrouwenteam. Eerste dan wel tussen aanhalingstekens, aangezien de ervaren Vos al enige tijd meedraait binnen DFS: twee jaar lang was hij de coach van de vrouwen A-jeugd en vorig seizoen zat hij als assistent-coach van Johann Peters bij vrijwel alle wedstrijden van de selectie op de bank.
Of er verschil is tussen assistent-coach en nu eindverantwoordelijke hoofdcoach? Vos: “Nee, eigenlijk niet. Het grootste verschil is dat ik de vrouwen nu ook train. Als assistent zag ik hen door de week nauwelijks, nu kan ik de lijn van de trainingen doortrekken naar de wedstrijden en dat is prettig.”
Blessures
De 55-jarige Vos begon dit seizoen met een jong team. Een aantal speelsters was vertrokken, plaatsen die onder anderen opgevuld werden met speelsters uit de jeugd. Daarnaast koos Vos ervoor om altijd vier speelsters uit de A-jeugd mee te laten trainen. Terug kijkend op de eerste helft van dit seizoen kan Vos tevreden zijn: DFS staat op een mooie vierde plaats in de Hoofdklasse E. Opvallend: van de zes verloren wedstrijden werden er vijf in uitwedstrijden verloren.
Vos: “Dat klopt. Het heeft voor een deel te maken dat wij thuis gewend zijn om met hars te spelen en dat kan dus lang niet overal. Maar een belangrijker reden is ook dat we de laatste periode met blessures kampten en daardoor drie speelsters moesten missen en niet de minsten: Britt van Koppenhagen, Vera van Neijenhof en recent Jolijn Liebeek.”
Risico
Maar bij Vos overheerst de tevredenheid over zijn team. Vos: “Ze doen het goed. Je ziet bijvoorbeeld dat onze verdediging steeds beter staat: we krijgen steeds minder doelpunten tegen. Ik ben verrast over de fitheid en de snelheid van ons team, we maken wat dat betreft grotere stappen dan ik had verwacht. Je ziet ze ook harder worden en er wordt zeer intensief getraind. Ook mentaal zit het goed. Ook al komen ze achter te staan, ze blijven erin geloven.”
“Maar we zijn er nog niet helemaal. Het spel moet wat consistenter worden, we zijn soms te gehaast. Komen we achter te staan dan willen ze het te snel rechtbreien. Ze willen het eigenlijk te goed doen, een vorm van over-enthousiasme. Wat dat betreft moeten ze leren iets minder risico te nemen. Maar dat gaat goed komen: ik zie dat we als team nog steeds groeien.”
Wisselvallig
Vos is eveneens tevreden over de tot nu toe behaalde resultaten, al ziet hij ook dat die wisselend zijn. Vos: “De laatste wedstrijd speelden we tegen Dynamico, dat ver onder ons staat. Toch verliezen we. Natuurlijk had dat ook te maken met de blessures, daarnaast kon ik geen gebruik maken van spelers uit de A-jeugd, aangezien die tegelijkertijd moesten spelen. Ook raakten we Enza di Molfetta snel kwijt en dan is het gebeurd. Daarentegen speelden we de week daarvoor een prima wedstrijd tegen koploper Duiven. We wísten dat we die wedstrijd konden winnen en dat gebeurde dan ook: 22-17. Ook tegen Voorwaarts speelden we uitstekend en ook die wisten we te winnen.”
Balans
Vooruit kijkend ziet Vos de komende periode een aantal lastige wedstrijden aankomen. Vos: “De nummers drie tot en met vijf zitten allemaal dicht bij elkaar. We hebben uit die top-vijf net Duiven gehad, aanstaande zaterdag treffen we koploper Dongen. Daarna komen de nummer zes Internos en nummer elf Nieuwegein aan de beurt en begin maart de huidige nummer twee HVBS, overigens een team waar we altijd lekker tegen spelen. Hebben we dat achter de rug , dan kunnen we de balans opmaken. Ik denk dat een uiteindelijke derde, vierde of vijfde plaats haalbaar moet zijn voor ons, mits we natuurlijk wel blessurevrij blijven.”
Vos heeft het goed naar zijn zin bij DFS. Wat dat betreft zou hij ook volgend seizoen graag doorgaan. Vos: “Het is een geweldig team, de wisselwerking is prima. Ik ben op dit moment in gesprek met het bestuur van DFS over de toekomst. Ik heb een erg drukke baan, waar ik veel voor moet reizen en je wilt natuurlijk de balans tussen werk, privé én de sport zo goed mogelijk inrichten. Maar ik hoop dat we eruit komen.”
Zaterdag 7 februari DFS – Dongen. Aanvang 19.25 uur, Sporthal Rijkerswoerd